Er loopt een zenuw in je gezicht die deels naar je voorhoofd loopt, en daarnaast naar je neus en naar de onderkaak. Aangezichtspijn zit daarbij meestal aan één kant van het gezicht. Die pijn kan zich vervolgens op allerlei plekken voordoen: in je neus, je voorhoofd, de bovenkaak of in je lip, maar ook in je tong of onderkaak. Vaak is de pijn die je hierbij voelt kortstondig en duurt die in de regel niet langer dan enkele secondes tot een minuut. Tussen de pijnaanvallen door heb je geen pijn: zeker bij korte pijnaanvallen kan het daardoor lijken alsof het misschien vanzelf overgaat.
Last van aangezichtspijn?
Aangezichtspijn is een nare klacht, en het houdt in dat je heftige pijnaanvallen in je gezicht hebt. Daarbij zit de pijn meestal aan één kant van je gezicht. Die pijn kan ontstaan als je bijvoorbeeld je huid aanraakt, maar ook door bewegingen van het gezicht, of door kou. Vaak is de pijn kortstondig; in de regel duurt het niet langer dan enkele seconden tot een minuut.

Heb je last van een of meer van de volgende symptomen?
De meest voorkomende oorzaken voor aangezichtspijn
Trigeminusneuralgie (TN) is de meest voorkomende vorm van aangezichtspijn. Deze aandoening wordt veroorzaakt door de nervus trigeminus (drielingzenuw); die bevindt zich tussen de schedel en de hersenen.
De oorzaken van aangezichtspijn zijn per aandoening verschillend. Het kan gaan om bacteriële infecties of ontstekingen, maar ook tandheelkundige problemen komen als oorzaak voor. Daarnaast kunnen gezwellen, Multiple Sclerose, overbelasting door verkeerde mondgewoontes, verwondingen in het aangezicht, compressie van de trigeminus zenuwknoop of andere zenuwen, of botproblemen oorzaken zijn. Heel soms is het niet mogelijk een oorzaak vast te stellen.

Behandeling
Er kunnen uiteenlopende oorzaken zijn als je last hebt van aangezichtspijn. Daarom is het altijd goed om je huisarts te consulteren. Vervolgens zal je tandarts of een medisch specialist ernaar kijken. Doordat goed gekeken moet worden wat de oorzaak is, raden we aan niet lang te wachten met een afspraak maken.
Behandelingen bij aangezichtspijn
De behandeling verschilt per vorm van aangezichtspijn. Soms is bijvoorbeeld medicatie tegen de pijn zinvol, maar in andere gevallen kan alleen een operatie of andere ingreep verlichting bieden. Daarnaast verschilt het soort specialist waarnaar je doorverwezen kunt worden per vorm van aangezichtspijn.
Welke specialist bij aangezichtspijn?
Met aangezichtspijn ga je normaal gesproken eerst naar je huisarts. Afhankelijk van de diagnose kom je terecht bij een of meer van onderstaande zorgverleners:
- Kaak- en mondproblemen
Je kunt bij deze klachten naar je eigen tandarts. Het kan ook zijn dat je hierbij wordt doorverwezen naar een specialist op het gebied van kauwspieren en kaakgewrichten (tandarts-gnatholoog) of de tandartsspecialist op het gebied van de mond-, kaak- en aangezichtschirurgie (MKA-chirurg). - Trigeminusneuralgie, vaataandoeningen en trigeminoautonome hoofdpijnsyndromen (behalve clusterhoofdpijn): je krijgt hierbij een doorverwijzing voor een neuroloog.
- Neuralgie na gordelroos, clusterhoofdpijn, aandoeningen van oog en oogkas, aan het oor en van neus en neusbijholten: je wordt hierbij behandeld door je huisarts zelf of door een specialist indien nodig.
- Problemen met het zien: hierbij ga je naar een oogarts en neuroloog (als er problemen zijn met de oogzenuw).
- Ontsteking van de slagader bij de slapen: als dit wordt vastgesteld, kun je voor behandeling naar een internist, reumatoloog of neuroloog.
- Complexe pijnproblemen: hiermee kun je terecht bij een pijncentrum.
Wat als dit niet helpt?
- Twijfel aan de diagnose of falen van de behandeling: je kunt vragen om doorverwijzing naar een neuroloog of een oogarts, KNO-arts, of je brengt zelf eventueel een bezoek aan de pijnpoli.
- Psychologische behandeling kan nuttig zijn om de impact van aangezichtspijn op je leven te beperken. Het is daarnaast belangrijk dat je huisarts je helpt bij het omgaan met pijn. Deze kan je onder meer ook adviseren over een gezonde leefstijl, het vermijden van ongewenste middelen, stress en ‘doemdenken’.
